Column: Toen was geluk heel gewoon

21 november 2020

Column: Jac Buchholz | Beeld: Peter Janssen

Sinds afgelopen week – of wellicht al eerder, maar ik kwam het pas een paar dagen geleden voor het eerst tegen – circuleert er op de social media een bijzonder filmpje. Beelden uit het zwart-wit-tijdperk, uit de tijd bijna nog van stomme films ( nee, dat zijn geen domme films, maar er werd niet in gesproken). Het gaat over Venlo in 1929, bijna een eeuw geleden.

Bijzondere van dat filmpje is dat het is ingekleurd en bovendien voorzien van geluid. Wel een beetje voor de hand liggend. Zie je een kerktoren dan hoor je klokkengelui, zie je een oldsmobiel dan hoor je een pruttelende motortje en als er een paard en wagen het beeld in rijdt… Juist ja. Een achteraf invulling, beetje fake nieuws, maar wel bijzonder. Het brengt het Venlo van toen heel dichtbij.

Het is het Venlo van opa en oma, althans mijn opa en oma. Soms heel herkenbaar, alsof er maar een jaar en niet bijna een eeuw tussen de opgenomen beelden en het heden zit, soms heel bevreemdend omdat wat er ooit was inmiddels is verdwenen. Wat vooral opvalt, is de rust. Logisch. Venlo had in die tijd veel minder inwoners. Er reden amper auto’s en het fietsverkeer van nu zou menig Oude Venlonaar tot waanzin drijven. De stad was ook veel minder volgebouwd. Venlo was bovendien op dat moment van de Venlonaren. Wat voordien en zelfs niet lang erna wel anders was.

Wanneer je naar die sepia-achtige beelden kijkt, bekruipen je gevoelens van nostalgie. Nee, niet dat ik ook maar enige herinnering aan die tijd heb, maar ik word als vanzelf door die jaren-20-plaatjes naar mijn eigen verleden teruggevoerd. Naar het Venlo van de jaren zestig en zeventig, toen geluk heel gewoon was.

Of dat ook echt zo was, kun je je afvragen. Neem de jaren twintig uit dat filmpje, een periode dat er veel meer en meer schrijnende armoede was dan nu. Het was niet lang na de tijd van de kinderarbeid en vrouwen hadden nog maar net rechten. Het jaar 1929 was het jaar van de beurskrach en tien jaar later zou er een oorlog uitbreken die de wereld jarenlang in zijn greep zou houden en tientallen miljoenen mensen het leven zou kosten.

Wat dat betreft lijken de jaren zestig en zeventig idyllischer, maar ook dat is schijn. Het was mijn kindertijd, dat zal zeker een rol spelen. Een onbezorgde kindertijd in een middenstandsgezin waar het aan niets ontbrak. Maar wereldwijd was het evenmin een fijne tijd. Met terrorisme, met op veel plaatsen oorlog, met misstanden die niet op de vingers van twee handen te tellen zijn. Nee, ik ga ze niet opsommen, met een beetje zoekwerk vind je ze zelf wel.

Maar dan kijk ik toch weer naar die sepia-achtige beelden uit 1929, laat ik mijn jeugd weer even in het hoofd voorbij schieten. Ieder tijdperk heeft zo zijn schandvlekken, maar in dat sepia-achtige Venlo, in het Venlo van mijn jeugd ook, hadden ze in ieder geval nog een beetje respect voor tradities.

Voor wie het filpje uit 1929 nog niet heeft gezien, klik hier.

 

Terug