Kein geloel: journalisten bakken geen zoete broodjes

14 november 2020

Column: Jac Buchholz | Beeld: Peter Janssen

De spelers van het Nederlands elftal deden een tijd geleden de mannen van Veronica Inside in de ban. De reden was duidelijk. Van de week werd een VVV-watcher van De Limburger door de Venlose club in de ban gedaan. Om minder duidelijke redenen.

Hij zou te kritisch zijn geweest, had wat opmerkingen over de kwaliteiten van bepaalde spelers gemaakt. Het doet vermoeden dat er meer aan de hand is. Want laten we eerlijk zijn, de voetbalwereld wordt behoorlijk kritisch benaderd, leuk of niet, terecht of onterecht. Eerder genoemde heren van VI zien er geen been in om van spelers die even niet goed uit de verf komen te pas en te onpas te roepen dat-ie ‘er  helemaal niets van kan’. Een miskleun komt wekenlang terug. En waar de ene directeur vergeleken wordt met een maffioso, daar krijgt een ander het predicaat louche autoverkoper of gokautomatenhandelaar. Dat alles onder de noemer van satire overigens.

Natuurlijk moet je onderscheid maken, tussen de watchers enerzijds en de grappenmakers anderzijds. Je moet ook altijd in het achterhoofd houden dat een journalist – of in ieder geval een deel van de journalisten – kritisch moet zijn. Ze zijn de waakhonden van de maatschappij, speuren misstanden op, gaan achter malversaties aan, leggen bloot wat er mis is.

Dat geldt bijvoorbeeld voor politiek journalisten, onderzoeksjournalisten, misdaadverslaggevers. Voetbaljournalisten mogen ook kritisch zijn. Voetbal is namelijk van ons allemaal. Wij kunnen niet zonder voetbal – ik generaliseer even terwijl ik beter weet – en het voetbal kan niet zonder ons. Dat blijkt uit de ontelbare uren die erover wordt geouwehoerd – of het nu op televisie is of in de kantine – en de al net zo ontelbare pagina’s die er in kranten, tijdschriften en boeken over worden volgeschreven.

Een beetje voetballiefhebber verwacht na een wedstrijd een terugblik, compleet met rapportcijfers. Is er gewonnen, dan moet dat enigszins in de teneur van het verslag terug te vinden zijn, bij een verliespartij geldt dat eveneens. Als het niet om aan te gluren was, wordt van de journalist verwacht dat hij vilein uit de hoek komt. En ja, ook alle omringende analyses en beschouwingen dienen iets van de gemoedsrust van de supporters weer te geven. Tot een zeker niveau mag dat kritisch zijn. Maar ook wat voetbal betreft moet de grens van het betamelijke altijd in acht worden gehouden. Of dat in het Venlose geval is gebeurd weet ik niet.

Het zal wel weer overwaaien, het is niet de eerste keer dat een journalist bij een voetbal- of sportvereniging tot persona non grata wordt verklaard – morgen lacht iedereen er weer om. En waarom ook niet? Natuurlijk, voetbal is een bedrijfstak, maar het is ‘ook maar een spelletje’. Waar we lol – nou ja, niet altijd, maar goed – aan beleven door er naar te kijken. Waar we nog meer plezier aan beleven door erover te praten. Maar wat dat laatste betreft zouden we er ook af en toe beter aan doen om gevolg te geven aan de legendarische woorden van voormalig Feyenoord- en Oranje-coach Ernst Happel: ‘kein geloel, fussbal spielen’.

Terug