Stadscolumn: Amsterdam, Venetië en Venlo.

1 september 2020 | Leestijd: 2 minuten

Afgelopen zondag was het druk in de stad. De salarissen zijn binnen en het geld moet rollen. Zijn we weer terug bij de pre-coronatijd? Is er niets
veranderd?

Tekst: Jan Brouwers | Beeld: Peter Janssen

Natuurlijk zijn er de coronarichtlijnen en iedereen doet zo goed mogelijk zijn best om de regeltjes na te leven. En wie dat even vergeet wordt onmiddellijk op zijn verantwoordelijkheid gewezen. Gelukkig kruipen we sinds mei, met vallen en opstaan, weer uit het Coronadal.

We zijn allemaal nog een beetje bang en u zult mij dan ook niet op zaterdag op Nolensplein, Gelderse Poort of Lomstraat zien. En zo denken meer mensen
en zeker de regiobezoekers. “We gaan wel op een doordeweekse dag naar de stad”. De lokale economie mag blij zijn dat onze oosterburen de stad niet kunnen
missen en weer helemaal terug zijn. Het merendeel van de Duitse bezoekers zit 30 tot 45 minuten in de auto en is dus aangewezen op de zaterdag of
zondag. En dus zie je in het weekend naar verhouding meer Duitse bezoekers dan regiobewoners. In de snelle-hap-branche is dat goed merkbaar. De Duitsers
eten, anders dan Nederlanders, geen gezonde volkoren brass-broodjes met sla als ze op stap zijn, maar storten zich op de gebakken vis, frikandellen en
friet. Kijk maar een eens op en naast de prullenbakken: nauwelijks Bakker Bart papiertjes! Statistici constateren een piek in de Kibbeling-Index.

Per saldo is de stad op zaterdag een zondag een beetje minder vol en door de week een beetje minder leeg. En dat is niet verkeerd. Misschien moeten we
daar maar eens op gaan sturen! Hebben we en passant het parkeerprobleem opgelost. Want ook de Duitser vraagt zich af of het nog wel verstandig is om de drukte op te zoeken. Als we de senior Duitsers -dat zijn er heel veel- kunnen verleiden om door de week te komen dan kunnen we voor jonge generaties in
het weekend de loper uitleggen. Die jongeren hebben we straks hard nodig. Die voelen er niets voor om drie kwartier in de file te staan voor ze de
stad in kunnen. Dat doen ze één keer! Zij komen ook niet voor goedkope levensmiddelen maar nemen hooguit een peperkoek mee voor Omi.

Met een betere verdeling van de bezoekers wordt de stad ook aantrekkelijker voor de regiobewoners. En dat zijn wél onze ambassadeurs. Venlo is dan geen Venetië of Amsterdam, maar het probleem van te veel mensen is hier minstens zo nijpend.

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad