VenloVanvruuger: ‘Weej blieve veur altied kinder van de binnenstad’

21 november 2019 | Leestijd: 3 minuten

Tijdens de reünie van de Sint Martinusschool ging het er weer over: het leven in de Venlose binnenstad gedurende de jaren 70 en 80. Marco Schell deed een voorstel: ‘wannier doon we ein reünie met de kinder oet de binnenstad van toen?’ Die paar keer per jaar dat ik Jacques-Paul Joosten spreek, kan soms één zin voldoende zijn om weer even te weten en te voelen dat er iets is dat ons voor altijd verbindt: wij waren, zijn en blijven voor altijd ‘kinder van de binnenstad‘. JP heeft diezelfde passie als ik voor de nostalgische sfeer van toen.

Tekst: Rob Buchholz | Beeld: Leon Vrijdag, gemeentearchief Venlo

Wij hebben aan een half woord genoeg hebben om elkaar te begrijpen. Praten over kattenkwaad, de veiligheid en geborgenheid, de winkels van onze ouders en al die andere zaken. Bensdorp, Langen Driessen, Electro Jacobs, Rambam, Windro, De Vaerman, De Knevel, Poelier Maas, ’t Kadetje, De Dumpshop, Gouden Tijger, al die slagers, bakkers, kappers en nog veel meer.

De Jodenstraat, Kwartelenmarkt, Hoogstraat, Gildenstraat, Vleesstraat en nog een aantal min of meer verborgen steegjes behoorden tot ons domein. In de kelder van Bartels Behang op de Beekstraat stond een elektrische cirkelzaag om uit houten platen, meubels te maken. Het afval was voor ons. Die simpele blokjes en stukken hout stonden garant voor urenlang speelplezier. Wat we er mee deden? Geen flauw idee. Iets bouwen? Het had in ieder geval een functie en het prikkelde onze fantasie.

Op een dag stond er plots, midden op een braakliggend terrein hoek Jodenstraat/Heilige Geeststraat, een oude eend; ook wel bekend als Citroën Deux Chevaux. Niemand wist hoe deze auto daar kwam. Niemand wist van wie het lelijke eendje was geweest. Het interesseerde ons ook niet. Als jonge wolven doken alle kinderen uit de buurt op én in deze eend. Om beurten achter het stuur en iedereen had pret voor tien. Tot een heer op leeftijd uit de buurt zich stoorde aan het getetter van die vele kinderstemmetjes en de politie sommeerde het gevaarte te verwijderen. De teleurstelling was groot toen de 2CV weer net zo snel en mysterieus was verdwenen als dat deze onverwacht was opgedoken.

Ja voor kinderen uit de binnenstad was er altijd wel iets te beleven. Aquariums en vissen kijken bij de Discus. Konijntjes aaien bij Schell. De fopspulletjes bij Geer van der Veer. Op iets latere leeftijd veranderde de speelse bezigheden in het bekijken van platenhoezen bij Rambam, V&D of Dom van de Berg, maar ook gluren naar meisjes door het open raam in de kelder van de balletstudio van Titulaer. Of Duitsers voor één D-Mark naar een parkeerplek leiden. Als de opbrengst twee Deutsche Marken betrof, voelden we onszelf al stinkend rijk. Nee, in de stad was het nooit vervelend.

Het was goed om groot te worden in het centrum van Venlo. Er was sfeer en saamhorigheid. Het was een paradijs voor kinderen. Huiselijk. De binnenstadbewoners leken een grote familie. We letten op elkaar. Vermaak en beleving vond je vooral in huis of bij vrienden/bekenden. En het hoefde vooral niet continu. Beleving was de authentieke sfeer in de stad. Het mocht vooral ook stil zijn. Op straat. In huis. En in jezelf. Ik zag Venlo-centrum eigenlijk altijd als een soort dorp. Met veel winkels. Waar de eigenaar met het gezin boven de zaak woonde. Iedereen kende iedereen.

Dat wij voor altijd kinder van de binnenstad blijven, is an sich niet zo vreemd. Eigenlik voelt Venlo-centrum nog steeds als een hecht dorp met veel winkels waar iedereen voor elkaar klaarstaat. Het deed mij goed om afgelopen week bij een ondernemer een zelfde vergelijk te horen. Een jaar of acht geleden verliet hij zijn geboortedorp om een winkel in Venlo te beginnen. “In de stad? Pas ik daar wel?”, zo vroeg hij zichzelf af. Nu is hij vol lof over de Venlonaren en lijkt zijn verhaal op mijn verhaal van toen. “De mensen in Venlo hebben mij omarmd en zijn heel sociaal. We helpen elkaar. Maken tijd voor een ander. Net een dorp. Ik vind het hier fantastisch” En ik dacht: godzijdank. Ook anno 2019 bestaan ze nog steeds: kinder van de binnenstad. Misschien zijn veel gezinnen die vroeger boven de winkels woonden, verdwenen. Maar nu komen de nieuwe kinderen van verder weg, zijn ze al van middelbare leeftijd, maar zijn ze jong van geest. Eenmaal kind van de binnenstad, voor altijd kind van de binnenstad. Toen en nu. Wie het voelt, begrijpt het. Net zoals die nieuwe ondernemer.

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad

Containertuintjes fleuren Venlose binnenstad op

Containertuintjes fleuren Venlose binnenstad op

In de Venlose binnenstad worden tien zogenaamde containertuintjes geplaatst. Deze op maat gemaakte plantenbakken moeten de verrommeling bij de ondergrondse containers tegengaan. Tegelijkertijd dragen ze bij aan het vergroenen en opfleuren van de Venlose binnenstad....