“Gastcurator bij het Limburgs Museum, een jongensdroom die uitkomt”

19 augustus 2020 | Leestijd: 3 minuten

Het Limburgs Museum opent op 1 oktober een tentoonstelling over de Maas, bedacht en samengesteld door gastcurator Servé Hermans, leider van Toneelgroep Maastricht. Hermans toont in de expositie vier gezichten van de rivier: de Maas als muze, monster, moordenaar en moeder. “Met de tentoonstelling wil ik de vertelkracht van het theater naar het museum brengen.”

Tekst: Jac Buchholz | Beeld: Limburgs Museum

Een grote gulzige museumbezoeker, zo omschrijft Servé Hermans zichzelf. Een liefhebber van beeldende kunst ook. Dus toen hij door het Limburgs Museum werd gevraagd om als gastcurator een tentoonstelling over de Maas samen te stellen hoefde hij daar geen seconde over na te denken. “Het is een jongensdroom die uitkomt. Als ik een tentoonstelling bezocht of met kunstenaars sprak dacht ik vaak: hoe zou het zijn zelf een te expositie op te zetten, met beeldende kunstenaars te werken. Nu kan het.”

Meerdere disciplines
Hoe kwamen ze bij hem uit? “De Limburgse kunstwereld is niet zo heel groot. Plus ik ken enkele mensen bij het Limburgs Museum, onder wie directeur Bert Mennings. Die wil meer sectoroverschrijdend te werk gaan. Andere disciplines bij het museum betrekken om elkaar zo te inspireren. Als toneelgroep doen we dat net zo, werken we ook met uiteenlopende disciplines samen en leren van elkaar. Dat is met deze tentoonstelling eveneens het geval.”

Tof
Hermans vindt het geweldig dat de Maas centraal staat, noemt het een tof onderwerp. Limburg, zegt hij, leeft grotendeels met die rivier; Maasverhalen zijn er te over. “In Maastricht, waar ik woon, maar bijvoorbeeld in Venlo ook. Denk alleen maar aan de overstromingen in de jaren negentig. De Maas is in de kunst een geliefd onderwerp, dat zul je in de tentoonstelling terug zien.”

Team
Maar het wordt geen tentoonstelling met allemaal bestaande stukken. Hermans werkt juist met een heel team van kunstenaars en ontwerpers die allemaal vanuit hun eigen discipline een bijdrage leveren aan de expositie. Van filmer Rob Hodselmans tot beeldend kunstenaar Claudy Jongstra en van componist Kwinten Moordijck tot toneelschrijfster Annet Bremen. Film, audio, licht, beeldende kunst, theater – al deze disciplines komen samen in één groot multidisciplinair kunstproject.

Vier thema’s
Hermans legt uit hoe hij tot de vier thema’s kwam en licht een tipje van de sluier over hoe hij dat in de tentoonstelling laat terugkomen. “De Maas als muze zie je terug in de vele kunstwerken waarin ze figureert. Mooie Maaslandschappen zijn er volop gemaakt. Tijdens bijvoorbeeld de overstromingen (hoofdfoto) in de jaren negentig zagen veel Limburgers de Maas als het monster dat hun huizen, hun woonomgeving onder water zette. Moeder Maas omdat de rivier beschermt en bewaart. Laat de Maas leeglopen en je weet niet wat je allemaal ontdekt. Tot zelfs een paardengraf bij Borgharen.” En de Maas als moordenaar? “Bij dat thema is er bijvoorbeeld aandacht voor vervuiling.”

 

Geduld
In grote lijnen is de tentoonstelling klaar, maakt Hermans duidelijk. “De basis staat.” Hij heeft, zegt hij, alle ruimte gekregen om zijn eigen ding te doen. Lachend: “De mensen van het Limburgs Museum hebben veel geduld met me gehad. Als ik weer eens iets wou wat niet kon of lastig uitvoerbaar was.” Soms lukte het dan toch, een enkele keer moest Hermans concessies doen. “Er komt een installatie die een draaikolk met plasticsoep moet voorstellen. Wilde ik een weg naartoe laten lopen, een soort schans. Dat was te onveilig dus die schans wordt nu een trap. En als een kunstenaar het iets anders wil moet je daar ook in meebewegen. Als gastcurator ben ik het gezicht van de tentoonstelling, maar we doen het wel met een heel team samen.”

Metershoog paard
De expositie belicht de Maas van de Middeleeuwen tot nu; met bestaande werken maar tevens veel speciaal voor de gelegenheid gemaakte kunstwerken, merkt Hermans op. Die staan verspreid over vier zalen met daarin onder meer zes grote installaties. “Heel indrukwekkend zal het metershoge, met kunstige doeken omkleedde paard zijn. Bijzonder vind ik zelf het schilderij ‘Maas bij Kessel’ van Dirk Wiggers (zie foto) uit begin twintigste eeuw, dat is mijn favoriet.” Hij geeft aan dat de mensen op een stemmingsinleidende manier naar binnen worden geleid en zich vervolgens kunnen onderdompelen in de aanwezige kunst. “Door een vaste of willekeurige route te volgen, dat maakt niet uit. Meanderende gordijnen zorgen dat ze steeds weer worden verrast.”

Tot slot, wat moet de tentoonstelling uiteindelijk opleveren? “Zin geven aan de Maas. Ieder kunstwerk heeft meerwaarde en voegt iets aan het verhaal over de Maas toe. Ik hoop dat de bezoekers na afloop hier in Venlo, waar de Maas op een steenworp afstand van het museum ligt, nog even naar de rivier wandelen en erover nadenken, op wat voor manier dan ook.”

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad

Kulinaire: Goed nieuws?

Kulinaire: Goed nieuws?

Een beetje vreemde kop boven deze column wellicht, in een tijd dat goed nieuws schaars is. Maar net zoals ik zijn er ongetwijfeld een hoop andere mensen wel eens aan toe, aan goed nieuws. Maar waar moet je dan aan denken als je het over goed nieuws hebt. Dan zul je...