Kunstenaar Gies Backes na inspiratietrip: wat ik doe heeft nog altijd zin

7 november 2019 | Leestijd: 3 minuten

Heeft het nog wel zin wat ik doe? Doet de schilderkunst er nog wel toe? Twee vragen die de Venlose kunstenaar Gies Backes (41) zich stelde na een recente tentoonstelling en oeuvre-boek – al wil hij dat eigenlijk niet zo noemen. Een dag Amsterdam bracht uitkomst.

Tekst: Jac Buchholz | Beeld: Peter Janssen

Gies Backes tekent al zo lang hij zich kan herinneren. “Mijn vader is graficus en bij ons thuis waren altijd tekenspullen te vinden. Niet dat onze ouders ons die kant op hebben geduwd. Ik wist al vrij snel dat dat was wat ik wilde. Op mijn 14e, 15e was ik in Parijs en bezocht enkele musea. Wat ik daar zag fascineerde me.” Dus was het vanzelfsprekend dat Backes op de kunstacademie terecht kwam. Waar hij niet voor de grafische richting koos maar voor die van kunstenaar. “Dat voelde als thuiskomen.”

Doodshoofden
Van zijn eerste tekeningen herinnert hij zich nog de doodshoofden. Een reactie op een bezoek aan het spookhuis in De Efteling. “Ik was vier, vond het heftig maar ook prachtig. Die tekeningen waren een manier om dat te verwerken. Het vergankelijke, het doodshoofd als vanitas-symbool is ook lang een thema van me geweest.” Een andere inspiratiebron was een doos met decennia-oude ansichtkaarten. Hij glimlacht: “Opnieuw die vergankelijkheid. Die ansichtkaarten waren een soort boodschappers uit het verleden, met plaatjes uit een andere tijd en achterop berichtjes die mensen ooit lang geleden erop hadden geschreven.”

Experimenteren
Terugkijkend op zijn carrière tot nu omschrijft Backes de eerste periode na het afronden van de kunstacademie als een fase van experimenteren. Hij maakte in eerste instantie werk in uiteenlopende stijlen. Foto’s van de toonaangevende fotograaf William Eggleston leidde hem naar het pad dat hij tot nu heeft bewandeld, legt Backes uit. “Eggleston maakte deel uit van een groepje fotografen die in de jaren zeventig het gewone, het alledaagse in kleur gingen vastleggen. Dat was niet gebruikelijk in die tijd. Kleur was voor reclame en dergelijke. Dat halen van inspiratie uit alledaagse dingen, uit de eigen omgeving dat paste perfect bij me.” Dus wandelde of fietste Backes vanaf dat moment rond met een polaroidcamera, op zoek naar onverwachte beelden in de wereld om hem heen. Die hij vervolgens vertaalde naar ietwat verstilde, fotografische schilderwerken.

The Beanery
Met zijn oeuvre heeft hij inmiddels een behoorlijke naam opgebouwd. Hij werd onder meer twee maal genomineerd voor de Koninklijke Prijs voor de Vrije Schilderkunst, er ligt dus een overzichtsboek en er was een onlangs afgeronde expositie bij Galerie Wilms in Venlo. Wat nu? Gaat hij op dezelfde manier verder of komt er een omslag? Backes haalt even zijn schouders op. “Daar heb ik nog niet echt over nagedacht. In ieder geval gaan we kijken of ik in het westen van het land een vertegenwoordigende galerie kan vinden. Zodat er een groter bereik komt. En mijn werk… Weet je, ik ben onlangs op een zaterdag naar Sander van Deurzen, een kunstenaar die oorspronkelijk ook uit Venlo komt, in Amsterdam gegaan. Hebben we samen op één dag drie musea en twee galerieën bezocht. Ik zat op dat moment in een fase dat ik veel nadacht over hoe nu verder. Op een gegeven moment kwamen we in het Stedelijk Museum uit bij The Beanery, een levensgroot walk-in kunstwerk gemaakt in 1965 door de Amerikaanse kunstenaar Edward Kienholz. Het stelt een morsige kroeg voor, met mensen met op de plek van hun hoofd een klok. Toen werd dat gevoel van hoe nu verder alleen maar sterker. Het is zo’n krachtig werk. Wat heb ik, wat heeft de schilderkunst eigenlijk nog voor betekenis vroeg ik me af.”

Een paar uur later zag de wereld er voor Backes echter weer heel anders uit. “Dat was na het zien van de tentoonstelling over Rembrandt en Velazques in het Rijksmuseum. De enorme zeggingskracht van die schilderwerken, zelfs na eeuwen. Zo was er een gruwelijk tafereel van twee dode priesters; dat hakte erin. De schilderkunst heeft nog altijd zin, het is zo’n sterk medium realiseerde ik me. Daar ga ik nu weer verder mijn weg in zoeken – want ik weet, wat ik doe heeft zin.”

Het boek ´Gies Backes – I know this place’ is te koop bij Koops, Sounds en Galerie Wilms.

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad