Venlo door de eeuwen heen – Deel 21: 1920-1939 Nieuwe uitbreidingsplannen voor Venlo

22 juli 2021

Na het einde van de Eerste Wereldoorlog groeide Venlo verder. De verkeersdrukte nam toe, er verrezen in en net buiten het stadscentrum diverse belangrijke nieuwe gebouwen en de aansluiting met de regio werd steeds belangrijker. Stedenbouwkundige Joseph Cuypers kreeg de opdracht een nieuw plan te ontwerpen.

Tekst: Rob Buchholz | Beeld: collectie VenloVanbinnen

Net zoals voor de Eerste Wereldoorlog deden zich op allerlei fronten ontwikkelingen voor die we anno 2021 nog steeds herkennen. Op maatschappelijk, sociaal, economisch en cultureel gebied.

Representatieve entree
Zo richtten de broer Sef en Mathieu Cornet in 1919 de Venlose Revue op, veranderde de Elite Bioscoop in 1928 van naam naar City Theater, verscheen in 1921 de Nieuwe Venlosche Courant voortaan dagelijks en opende de Venlonazaal in 1922 haar deuren. Tevens verrezen in de stad diverse grote winkels, maar ook het postkantoor en het Rembrandttheater werden geopend. Net zoals diverse nieuwe hotels en cafés op of nabij de Parade. Daarmee veranderde het gebied rondom de Keulse Poort tot een representatieve entree van de stad. Het Venlo van na de Eerste Wereldoorlog (zie foto boven) was toe aan vernieuwing.

Nieuw plan
De vele ontwikkelingen binnen de gemeente vroegen vanzelfsprekend om aanpassingen. Aanpassingen om te breken met het verleden. Daarbij diende Cuijpers rekening te houden met Mooder Maas. De stad had in die periode tot twee maal toe te maken gehad met hoogwater; zowel in 1920 als in 1926. Na Plan No. 1 van begin twintigste eeuw was het nu dus tijd voor een nieuw plan. Daarin moest plaats zijn voor de industriële ontwikkeling, de nieuwe haven, maar ook voor de planning van sportaccommodaties. Zo was in 1929 de befaamde hockeyclub VHC opgericht. Maar er gebeurde meer in Venlo. Niet alleen op sportief gebied.

Bewoners van krottenwijk het Hetje

Renovatie Jodenstraat
In de plannen van Cuypers, daterend uit 1933, was onder andere een voorstel voor de invulling van het Keulen-Mindener spoorwegemplacement ingevuld. Tevens ontwikkelde hij het idee voor een oostelijke rondweg. Plannen die aansloten bij de ontwikkelingen van die tijd. Daartoe behoorde eveneens een grootschalige renovatie van de Jodenstraat en omgeving. Ook wel bekend als volksbuurt Het Hetje. Een gebied dat berucht was vanwege de armoede, krotten en slechte leefomstandigheden. Het plan was om een compleet nieuwe wijk te ontwikkelen waar wonen en werken het uitgangspunt waren. Dit sloot aan bij de eisen van de Woningwet uit 1902 waarbij verbetering van de volkshuisvesting centraal stond. In 1929 werden tijdens een raadsvergadering 22 woningen in het gebied Jodenstraat onbewoonbaar verklaard. In 1931 gebeurde hetzelfde met nog eens 33 woningen in het Hetje. Bij de nieuwe plannen hield men rekening met overstromingen van de Maas. Daardoor ontstond het idee om de nieuwe wijk hoger te plaatsen dan de voormalige volksbuurt. Eind jaren dertig waren alle krotten afgebroken en bleef alleen het monumentale Romerhuis behouden. De verpauperde buurt moest veranderen in een nieuwe, bloeiende stadswijk.

Romerhuis eind jaren 30

Moeizaam
De uitwerking van de plannen verliep moeizaam. Het Romerhuis stond overeind, voor de rest was het een grote kale vlakte. Tot afgrijzen van buurtbewoners. De bouwplannen moesten echter aansluiten bij de rest van de stad. Dit en diverse andere oorzaken zorgden voor vertraging van de ontwikkeling. Inmiddels was de Venlose architect Jules Kayser wel begonnen met de restauratie van het Romerhuis. Dat deed hij volgens het gemeentebestuur op dusdanig aantrekkelijke wijze dat hij tevens de opdracht kreeg een ontwerp voor de rest van het gebied te maken. Zijn plannen kregen tot na de Duitse inval in mei 1940 verder vorm.

Inmiddels was de Vleesstraat in de jaren 20 en 30 uitgegroeid tot de belangrijkste winkelstraat van Venlo. Dit was mede te danken aan de bouw van een aantal opvallende panden in moderne architectonische stijlen. Het warenhuis Vroom & Dreesmann had zich sinds 1929 in een van die panden gevestigd. Tevens werd in 1939 het City Theater voorzien van een nieuwe gevel. Behalve de bloei van de Vleesstraat en de renovatie van de Jodenstraat onderging ook het gebied rondom het Arsenaalplein en Minderbroederskerk een stedenbouwkundige aanpassing. Kortom, Venlo maakte zich op voor de toekomst. Een toekomst die echter door de Tweede Wereldoorlog tijdelijk wreed verstoord werd. Meer hierover in het volgende deel van Venlo door de eeuwen heen.

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad