VenloVanvruuger: Bommen op de bruiloft

13 mei 2021 | Leestijd: 4 minuten

Kartonnen vouwdozen hebben mijn interesse, een onschuldige beroepsdeformatie overgehouden aan mijn werk in het archief en museum. De ene doos is de andere niet in de wereld van het conserveren van het verleden. Boy Hekking stond een tijd geleden met een zogenaamde postdoos voor de deur. Het was een doos met een veiligheidsklep en twee sluitflappen. Plakband was overbodig, een ongelooflijk inventief ontwerp. Laat daar geen misverstand over bestaan. Maar goed, ik moet niet afdwalen. Ter zake, het gaat immers altijd om de inhoud.

Tekst: Sef Derkx | Beeld: Leon Vrijdag en Collectie Sef Derkx

Uit de doos kwam als eerste een verwrongen metalen scherf tevoorschijn met erop geschreven in handschrift de datum 27-9-1944. We zijn in de Tweede Wereldoorlog dus.

Op 27 september 1944 voeren twaalf geallieerde bommenwerpers een aanval uit op het stationsemplacement aan de Kaldenkerkerweg. Er ontstaan branden, de vernielingen zijn groot, ook in de omgeving. Bij deze luchtaanval komen twee soldaten van de Duitse Wehrmacht om het leven. Willi Rachow en Otto Kath (beiden 35) vinden na de Tweede Wereldoorlog hun laatste rustplaats op het Duitse oorlogskerkhof te Ysselsteyn. Het Gemeentearchief Venlo is helaas alweer lange, lange tijd gesloten. Zodra het wordt opengesteld zal ik het dossier over dit bombardement raadplegen.

De bomscherf van die dag is met een hele goede reden tot op de dag van vandaag bewaard gebleven. Dat kunnen we opmaken uit het tweede voorwerp in de doos: een in rood kunstleer gebonden album op cahierformaat. Anna Hekking-Vullings, de moeder van Boy, heeft er haar oorlogsherinneringen in opgeschreven. De titel luidt: Uit blijde en droeve dagen. Kroniek van een gezin. Prachtig dat zo lang na de bevrijding nog egodocumenten boven water komen en dat ik in de gelegenheid ben gesteld erover te schijven. Dank daarvoor.

Op de eerste bladzijde van de kroniek is een foto ingeplakt van het bruidspaar Gerard Hekking en Anna Vullings. Ook vinden we een handgeschreven kennisgeving van hun voorgenomen huwelijk op 27 september 1944. Het bericht zal waarschijnlijk alleen verspreid zijn onder directe familie. Naar een drukker gaan om in een flinke oplage een uitnodiging te laten drukken, ging niet in deze fase van de oorlog. De geallieerden hadden op 12 september 1944 Mesch in Zuid-Limburg bevrijd. In de dagen die volgden kon de Nederlandse driekleur uit in meer steden en dorpen in het zuiden en midden van de provincie. De inwoners van Venlo en Blerick keken halsreikend uit naar de komst van de bevrijders. Niemand die op dat moment kon voorzien dat er nog verschrikkelijke frontmaanden zouden komen.

Terug naar de kroniek van Anna, terug naar: ‘De Grote Dag’. Op de bruiloftsdag breekt na dagen regen eindelijk de zon een beetje door. De familie van de bruid woont in Maasbree en kan er niet bij zijn. De brug is door de bezetter afgesloten. Broers en ooms van de bruidegom durven sowieso niet te komen. De Duitsers maken jacht op jongens en mannen voor de Arbeitseinsatz. Niet alleen een ongeluk komt zelden alleen, hetzelfde geldt voor tegenspoed. De drie bestelde rijtuigen met paarden blijven weg. De stalhouder is als de dood dat ze in beslag worden genomen door de Duitsers. Het bruidspaar moet te voet op pad:

’t Daverende kanongedonder, van het steeds naderende front, vergezelde ons op dien weg. Boven ons Engelsche bommenwerpers wiens geronk absoluut paste bij de stemming van den dag. Dan plotseling het geknetter van het afweergeschut, en onbewogen gingen wij verder.

Bruidegom Gerard draagt het uniform van de brandweer, bruid Anna is geheel in het zwart gekleed.

In de Panhuisstraat, waar wij ’t gebouw van ’t Departement van Sociale zaken passeerden, vlogen plotseling aan de benedenverdieping alle ramen open. De dienstdoende ambtenaren wuifden ons veel geluk toe. Dit was maar een ogenblik. Maar ’t was zo hartelijk dat wij hier diep van onder den indruk kwamen.

In de Familiekerk zijn gelukkig toch nog een vijftiental kerkgangers aanwezig. Als de mis voorbij is, schrijdt het echtpaar ontroerd onder de klanken van het Ave Maria naar buiten. In een van de laatste banken knielt de verloofde van de zus van Anna:

Hij leunt op een stokje en ziet er werkelijk erg invalide uit. Ofschoon wij dadelijk begrijpen dat het enkel is om de Duitsers en rad voor de ogen te draaien.

Op de terugweg is er ineens een oorverdovend kanongebulder. Het bruidspaar zoekt beschutting in een portiek. Dichtbij slaat een bom in. Gerinkel van glas en een regen van bomscherven volgen. In doodsangst vluchten ze binnen bij mevrouw Berden aan de Pastoor Deckerstraat 36. Als het gevaar geweken is, worden ze getrakteerd op koffie en koekjes:

Als ’t bombardement voorbij is en wij weer op straat staan vernemen wij dat er bommen op ’t station gevallen zijn. Er liggen overal een massa bomscherven. En enkele jongens op straat roepen ons toe: “Scherven brengen geluk.” Wij gaan weer lachend verder.

Om het spreekwoordelijke schervengeluk te bestendigen, wordt een scherf meegenomen. De bomscherf uit het postdoosje, waarmee Boy Hekking onlangs voor de deur stond.

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad