VenloVanvruuger: Vastelaovesleedje ‘Sjeep’ wordt vijfenzeventig

20 februari 2020 | Leestijd: 4 minuten

Op donderdag 1 maart 1945 rond vier uur in de middag begon de bevrijding van Venlo. Op het uur precies vijfenzeventig jaar later organiseert City Cinema een herdenkingsbijeenkomst. VenloVanbinnen columnist Sef Derkx verzorgt onder meer een lezing onder de titel: ‘Nog nooit was de Maas zo breed – Drie maanden wachten op de bevrijding’.

Tekst: Sef Derkx | Beeld: Leon Vrijdag & Collectie Sef Derkx

Een van de onderwerpen is een vastelaovesliedje dat in 1945 is geschreven en dat een iconisch legervoertuig uit de dagen van de bevrijding tot onderwerp heeft.

Proficiat, Sjeep wordt vijfenzeventig. U zult nu denken, wie in godsnaam is Sjeep? Sjeep, sjeep, sjeep is een vastelaovesleedje dat af en toe nog wordt gezongen. Het refrein is met name bij oudere vastelaovesvierders bekend. Het is een hilarische ode aan het Amerikaans legervoertuig dat symbool stond voor de bevrijding van Venlo op donderdag 1 maart 1945: de jeep. We frissen even uw geheugen op, het refrein gaat als volgt:

Sjeep, sjeep, sjeep
ge kint toch eine sjeep
ge wet waal zo’n dink wao zo’n blikske op hink
en det as ’t ried nao petroleum stink.

Sjeep, sjeep, sjeep
ge kint toch eine sjeep
bekiek-se zo’n kisje van achter en veur
de zuks, maar de vinds gen deur.

De tekst en muziek zijn van de broers Sef en Lei Hendrickx uit ’t Ven, een duo dat regionaal bekendheid genoot door hun liedjes, versjes en sketches in het dialect. In 1945 schreven ze Sjeep, waarmee ze korte tijd later wereldberoemd zouden worden. Wereldberoemd in Venlo, uiteraard.

Er was in de aanloop naar de eerste naoorlogse vastelaovend geen Leedjesaovend georganiseerd. Sjeep was het enige nieuwe liedje dat in 1946 werd gezongen. Omdat de herinnering aan de bevrijding nog vers in het geheugen lag, werd het een ongekend succes in de puinstad Venlo. In het liedje wordt de draak gestoken met de kwaliteit van de jeep, maar het eindigt desalniettemin juichend met:

Got allemaol staon noow en roop dan hiep, hiep, hiep
hiep, hiep hoera en lang laeve de sjeep.

Het liedje werd pas in 1977 voor het eerst op plaat gezet. We vinden het terug op de elpee Venlo Mien Ald, een album uitgebracht op het Telstarlabel van Johnny Hoes.

In het rijke archief van Jocus is een brief bewaard, die het Venlose vastelaovesgezelschap op 23 februari 1946 schreef aan captain Allen. De hoge militair was ingekwartierd in het Ursulinenklooster in Grubbenvorst. In het schrijven wordt gerefereerd aan een eerder gevoerd gesprek over het lenen van een jeep voor de vastelaovesoptocht van zondag 3 maart 1946. Het voertuig zou die middag om half vier voorgereden moeten worden in de Parkstraat, om precies te zijn: ‘second door next dancing Flora’. Er is geen antwoord bewaard gebleven op het verzoek. Evenmin is bekend of er een originele Amerikaanse jeep, al dan niet met captain Allen als inzittende, in de optocht van vastelaoveszondag 1946 is meegereden.

Toch werd het een historische en feestelijke dag voor Venlo. Het was immers de eerste vastelaovesdag die in vrijheid werd gevierd, na lange jaren van bezetting. De dag begon met een receptie in zaal Suisse aan de Vleesstraat. Zonder prins en adjudanten overigens, want die traditie werd pas in 1947 in ere hersteld.

Vors Joeccius XI, in het dagelijkse leven apotheker Toon Schrijnen, kreeg onder meer een album cadeau met foto’s uit vervlogen Jocusjaren. Zanger en oudprins Funs van Grinsven stak een gloedvolle speech af over vastelaovend en sirremoniemeister Bertus Hummel kreeg een lamme arm van het rinkelen van de bel bij de talloze vijfklappen. Vors Joeccius XI drukte iedereen op het hart om de vastelaovend fatsoenlijk te vieren, zodat niemand er aanstoot aan zou kunnen nemen. Een belangrijk onderwerp van gesprek was het verbod om zich gemaskeerd in cafés, danszalen of op straat te vertonen. In zijn toespraak wees Toon Schrijnen erop dat hij zich gelukkig kon prijzen, omdat hij door de natuur zelf met een fraai masker was toegerust.

Om vier uur vertrok vanaf het Mgr. Nolensplein een optocht door de binnenstad met jeeps en tanks in miniuitvoering. De carnavaleske voertuigen waren vervaardigd van karton en triplex. Materiaal dat niet bestand bleek tegen de gestaag neerdalende natte sneeuw. Dat gold ook voor de wagen van de Raad van Elf die voor het stadhuis stond opgesteld. Het mocht de stemming niet drukken, integendeel het werkte juist op de lachspieren. Venlo vierde in 1946 uitbundig vastelaovend en misschien nog wel meer de vrijheid. Talloze malen dat jaar klonk het loflied op het voertuig dat de bevrijders de stad binnen had gebracht.

Ge wet waal zo’n dink wao ein blikske op hink
en det as ’t ried nao petroleum stink.

Reageren? Stuur Sef Derkx een e-mail: floddergats@xs4all.nl.

De lezing ‘Nog nooit was de Maas zo breed – Drie maanden wachten op de bevrijding’ is gebaseerd op archiefonderzoek en op de persoonlijke verhalen, die Sef Derkx in voorbije jaren heeft opgetekend voor zijn historische kroniek Floddergats.

Bovendien worden filmfragmenten vertoond van de bevrijding van Blerick, die de geschiedenis is ingegaan als The perfect battle of Blerick. Bijzonder zijn de reportages, die filmer John Fernhout in Venlo en omgeving maakte in de dagen onmiddellijk na de bevrijding. Tot slot wordt de Puinfilm van Dré Brenneker en Baer Thiery vertoond.

City Cinema Venlo, zondag 1 maart 2020, 16 uur

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad

‘Op de pens’

‘Op de pens’

Column: Jac Buchholz / Beeld: Peter Janssen Wandelend door de Venlose binnenstad kom ik tot mijn verbazing nog met enige regelmaat grote groepen zogenaamde Duitsers tegen. Twaalf, veertien man bij elkaar, vermoedelijk allemaal voorzien van een roze bril of oogkleppen....