VenloVanVruuger: Familiedrama

17 december 2020 | Leestijd: 3 minuten

Wanneer je kijkt naar het nieuws worden vaak emmers ellende over je uitgestort. Het verontrustende is, is dat je er immuun voor raakt. Van de andere kant is die afstomping ook onze redding. We kunnen onmogelijk het leed van de wereld op onze schouders torsen.
Tekst: Sef Derkx | Beeld: Leon Vrijdag, collectie Sef Derkx | Tekening: Albert Kiefer
Toch is er nieuws dat echt aangrijpt. Familiedrama’s laten nooit onberoerd. Ze roepen afgrondelijke gevoelens op. Alleen al de beelden. Een anonieme straat, een doorsnee huis. Helemaal geen plek waar je zoiets verwacht. En altijd komen mensen uit de buurt aan het woord, die met de doodschrik in de ogen vertellen dat ze dit niet hadden voorzien. Het was een normaal gezin. De ouders groetten iedereen, de kinderen speelden gewoon iedere dag op straat.

Een familiedrama dat diep in de Venlose ziel sneed, voltrok zich op woensdagavond 28 oktober 1936 in een herenhuis aan de Hamburgersingel, nu de Deken van Oppensingel. Om 20.15 uur die dag kwam op het politiebureau aan de Lohofstraat het alarmerend bericht binnen dat Geert Girbes, bewoner van het pand nummer 19, zijn vrouw, drie kinderen en zichzelf van het leven had beroofd. De inwonende schoonmoeder had schotwonden aan het hoofd. De politie was gealarmeerd door het dienstmeisje.

Geert Girbes

De Nieuwe Venlose Courant van de volgende dag bracht het familiedrama tot in detail. Onder het avondeten was de schoonmoeder plotseling ziek geworden. Ze was van de tafel opgestaan en naar haar slaapkamer vertrokken. Girbes riep het dienstmeisje en vroeg haar naar dokter Poulissen te gaan die vlakbij woonde. Nauwelijks buiten kwam haar baas al achter haar aan en vertelde dat het allemaal wel meeviel. Blijkbaar verslechterde de toestand van de schoonmoeder, want even later kreeg de hulp in de huishouding voor de tweede keer de opdracht de dokter te gaan halen. Ze deed dat en toen ze met de arts terugkwam viel haar iets heel merkwaardigs op: de voordeur en de achterdeur waren afgesloten. Dat was anders nooit het geval. Ze belden en klopten maar niets bewoog binnen. Het dienstmeisje stond met de arts te overleggen wat nu te doen, toen de toch open werd gemaakt. In de deuropening stond de schoonmoeder, bloedend uit een hoofdwond. Hevig ontsteld stamelde ze dat haar schoonzoon geschoten had. In de badkamer trof het dienstmeisje meneer en mevrouw Girbes aan badend in het bloed. De politie werd erbij geroepen en die vond in hun slaapkamers de drie zoontjes van twaalf, vijf en een jaar. Ze overleden kort na de ontdekking.
De politie onderzocht de woning de hele nacht en de volgende dag. De soep werd in beslag genomen, evenals een buisje met verdachte vloeistof dat in de verwarmingsketel was gevonden. Al snel rees het vermoeden dat Girbes voor zijn wanhoopsdaad een poging had gedaan zijn schoonmoeder te vergiftigen. Als leraar scheikunde aan de Rijks HBS wist hij alles van giftige stoffen en kon hij eraan komen zonder zich verdacht te maken. In de avond van donderdag 29 oktober werden de stoffelijke overschotten door justitie vrijgegeven. Onder grote publieke belangstelling werden ze overgebracht naar het zogenoemde lijkenhuisje aan de Hulsterweg.

Op zaterdagmiddag 31 oktober 1936 vond de begrafenis plaats op het protestantse gedeelte van de begraafplaats. Alleen familieleden, directe kennissen en collega’s uit het onderwijs werden door de politie toegelaten. De vijf lijkkisten werden in een gemeenschappelijk graf neergelaten. Dominee Van de Poell sprak de laatste gebeden uit. Over de precieze aanleiding en achtergrond van dit afschuwelijk familiedrama is nooit iets bekend geworden.
Reageren? Stuur Sef Derkx een e-mail: floddergats@xs4all.nl

Bekijk ons magazine

Blader door onze artikelen in Venlovanbinnenstad