Rekenkamer: schuldhulpverlening Venlo kan en moet beter

9 januari 2020

De rekenkamer kan niet met zekerheid vaststellen of de uitvoering van de schuldhulpverlening in de gemeente Venlo effectief en efficiënt is, zo staat te lezen in het op 8 januari verschenen rapport van diezelfde rekenkamer. Omdat doelen niet duidelijk zijn geformuleerd. En omdat er over de daadwerkelijke uitvoering en de kosten en baten onvoldoende gegevens bekend zijn. Kortom, er is werk aan de winkel voor het Venlose college van burgemeester en wethouders. Erkennen ook wethouders Alexander Vervoort (SP, Inkomensondersteuning) en Ad Roest (EENlokaal, Bedrijfsvoering).

Tekst: Jac Buchholz | Beeld: Leon Vrijdag

In het najaar van 2018 kwam er vanuit de Venlose gemeenteraad het verzoek aan de rekenkamer om onderzoek te doen naar de schuldhulpverlening in de gemeente. Ook de rekenkamer zelf had het onderwerp op de lijst staan. Reden waren het gestegen aantal aanmeldingen en de onduidelijkheid over de efficiëntie en effectiviteit van het gevoerde beleid dat de gemeente jaarlijks enkele miljoenen kost. Klaartje Peters, trekker van het onderzoek, begint met een positieve ontwikkeling. “Het beleid op dit vlak was en is onvoldoende integraal. Het gemeentebestuur heeft eind 2018 een goede stap gezet door het armoedebeleid en het schuldhulp-verleningsbeleid samen te voegen in één beleidsplan. Maar dat heeft nog niet geleid tot de gewenste integrale aanpak. Er is nog te veel onduidelijk.”

Onduidelijk
Ze somt dan een aantal zaken op die de rekenkamer tijdens het onderzoek is tegengekomen. Te weinig capaciteit bij de uitvoerende teams, te weinig zicht op de doelgroepen en het cliëntenaantal. “Hoe staan die mensen ervoor, ook nadat ze zijn geholpen? Op die vraag is geen duidelijk antwoord te geven. Zijn de mensen die in een schuldhulpverleningstraject terecht komen na verloop van tijd ook daadwerkelijk geholpen. Dat blijft vaak onduidelijk.” Een groot probleem is volgens Peters de gebrekkige registratie, het ontbreken van gegevens. Dat staat een goede dienstverlening in de weg. En kan onder meer leiden tot hoge bewindvoerderskosten. Vanwege die gebrekkige registratie kan de rekenkamer feitelijk geen harde uitspraken doen over de effectiviteit en efficiency van het schuldhulpverleningsbeleid van de gemeente Venlo. Daarvoor mist ze te veel gegevens.

Verbeterpunten
De rekenkamer heeft naar aanleiding van het rapport een lijst met verbeterpunten opgesteld. Daarop onder meer de samenwerking met maatschappelijke organisaties en wijkteams. Die roept om verbetering. Het beleid moet concreter en doelgroepen moeten veel beter in beeld worden gebracht. Het zijn een paar voorbeelden, geeft Peters aan. “Dit rapport gaat nu naar de gemeenteraad als hulpmiddel om te controleren of het college de juiste maatregelen neemt. En voor het college is het natuurlijk eveneens een hulpmiddel. Zij kunnen op basis van onze conclusies aan de slag met zaken die niet goed zijn geregeld.”

Effectenrapportage
Wethouders Alexander Vervoort en Ad Roest erkennen de problematiek die in het rapport wordt geschetst. Maar, geven ze aan, er zijn inmiddels al een aantal stappen genomen om het beleid te verbeteren. Vervoort: “In 2016 is er eerder onderzoek gedaan. Daaruit kwam naar voren dat schuldhulpverlening een dynamische en vooral ook complexe materie is. Eind 2018 hebben we ons beleid op dit vlak al aangepast. Over enkele maanden verschijnt daarover een effectenrapportage. Hoe was het, hoe is het en waar moet het naartoe? Schuldhulpverlening is één van de speerpunten van ons beleid. Het gaat om een groep kwetsbare mensen en het is belangrijk dat die goed worden begeleid. De eerste stappen daartoe hebben we inmiddels gezet.”

Teams
Een van die stappen, geeft Ad Roest aan, is het op orde brengen van capaciteit van de uitvoerende teams. “De teams hebben een kwaliteitsimpuls gekregen. Belangrijk is ook dat we de teams hebben samengebracht. Daardoor kan er makkelijker en via korte lijnen worden gecommuniceerd.” Een andere verbetering is volgens hem een nieuw softwarepakket. “Daardoor krijgen we beter inzicht in allerlei gegevens en kunnen we die gegevens beter koppelen.” Hij merkt op dat, op basis van het rapport van de rekenkamer, in 2020 nog meer verbeteringen zullen worden doorgevoerd.” Dus is in 2021 alles op orde?  “Zoals Alexander al aangaf is dit een complexe materie. Maar, ja, dan hebben nog wat meer stappen vooruit gezet en is het grootste deel van de huidige problematiek opgelost.”

Terug